Halverwege stonden de sterren uit het westen al met 92-90 voor. Vooral in het vierde kwart toonde de formatie van onder anderen Kobe Bryant zich veel te sterk.
Bryant zelf was in zijn achttiende en laatste All Star-wedstrijd goed voor tien punten. Zijn tijdelijke ploeggenoot Russell Westbrook noteerde 31 punten en Stephen Curry was goed voor 26 punten.
Namens het oosten was Paul George op dreef met 41 punten en kwam John Wall tot 22 punten. LeBron James realiseerde dertien punten, waarmee hij Bryant onttroonde als meest productieve speler in de historie van All Star-wedstrijden.
Het was de eerste All Star-wedstrijd die buiten de Verenigde Staten werd afgewerkt.
De 369 punten die vielen tijdens het duel betekenden een record: nooit werden er zoveel punten gemaakt in het jaarlijkse onderonsje.
Het oude record, 321 punten, werd vorig jaar gevestigd.
Net als in 2015 werd Westbrook verkozen tot ‘MVP’ van de All Star-wedstrijd.



