Juventus is voor de 33ste keer in de clubhistorie kampioen van Italië geworden. Voor eigen publiek werd Crotone met 3-0 opzij geschoven dankzij goals van Mario Mandzukic, Paulo Dybala en Alex Sandro.
Voor de Oude Dame is het al de zesde landstitel op rij, een unicum in de Serie A. Juventus deelde het record na vorig seizoen met Internazionale (2005 t/m 2010) en Torino. Die laatste club zag de titelreeks weliswaar onderbroken worden door de Tweede Wereldoorlog, maar niet door een andere ploeg (1943 en 1946 t/m 1949).
Net als bij de vorige twee kampioenschappen is coach Massimiliano Allegri de drijvende kracht achter het succes. De drie titels daarvoor werden veroverd onder Antonio Conte, die dit seizoen met Chelsea bovenaan eindigde in de Premier League.
De Scudetto voor Juventus kwam dit seizoen nooit echt in gevaar. Van de eerste acht duels werden er zeven gewonnen. Alleen Internazionale, toen nog onder leiding van Frank de Boer, bleek in de eerste maanden van het seizoen in staat om de geoliede machine te kloppen.
Op de vijfde speeldag nam Juventus de koppositie over van Napoli om deze vervolgens niet meer af te staan. Vooral in het eigen Juventus Stadium bleek de ploeg van eenzame klasse. Alleen stadgenoot Torino (1-1) wist een puntje mee naar ‘huis’ te nemen, de andere thuisduels werden allemaal gewonnen.
ad.nl


