MONTE BONDONE – Geraint Thomas is de nieuwe leider van de Giro d’Italia. De Brit van Ineos-Grenadiers reed op de slotklim iedereen behalve Joao Almeida uit het wiel. Laatstgenoemde won ook de etappe in een sprint met twee.
Het begin van de derde week moest dan maar het langverwachte vuurwerk brengen. Want de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de Giro d’Italia dit jaar nog niet het gehoopte spektakel bracht, zeker wat betreft de strijd voor het roze. Niet alleen doordat er veel favorieten (Remco Evenepoel, Tao Geogeghan Hart en Aleksandr Vlasov) al uitvielen, maar ook vanwege het gebrek aan aanvallen. Het verschil tussen de twee overgebleven topfavorieten, Thomas en Primoz Roglic, van twee seconden was er enkel vanwege de twee tijdritten en een paar bonificatiesprints. Tijdens ritten in lijn finishten de twee altijd in hetzelfde groepje. Schaduwfavorieten Damiano Caruso en Almeida verloren enkel in de rit naar Frossombrone een beetje tijd op de nummers twee en drie van het klassement. Door de enige echte aanval tussen de favorieten, van Roglic, was de schade voor hen die etappe dertien tellen.
Tijdens de lange vlakke aanloop naar de in totaal vijf beklimmingen reed er een groep van 26 man weg met daarbij onder anderen puntentruidrager Jonathan Milan. O ok Aurélien Paret-Peintre was samen met zijn broertje Valentin aanwezig. De winnaar van etappe vier was met vier minuten en dertig seconden achterstand op rozetruidrager Bruno Armirail vooraan de best geklasseerde. Net voordat de Fransman virtueel het roze zou overnemen van zijn landgenoot begon Jumbo-Visma in dienst van Roglic het tempo te controleren in het peloton.
Astana-duo
De groep aanvallers was te groot om lekker rond te draaien, zo concludeerde ook het Astana-duo Christian Scaroni en Vadim Pronskiy. Met z’n tweeën reden ze weg op de Matassone (de derde klim van de dag) en pakten ze al flink wat marge op hun voormalige medevluchters. Bij de achtervolgers spatte de groep uiteen op de volgende klim, de Serrada, waar met name Jack Haig doortrok. Hij kreeg een aantal van de betere klimmers met zich mee. Nog voor de top hadden ze de twee Astana-renners weer gegrepen en waren er nog dertien man vooraan, onder wie ook de Paret-Peintre-broers. Valentin reed hard door in functie van zijn broer, waardoor Jumbo-Visma het peloton slechts langzaam dichterbij wist te brengen.
Op de lange slotklim Monte Bondone lag het tempo bij de favorieten wel flink hoger dan bij de koplopers, waarvan de laatste op ruim 8 kilometer van de streep werden gegrepen. Rozetruidrager Armirail was op dat moment al gelost door de rest van de klassementsrenners. Net ontvlamde de koers bij de favorieten dan eindelijk. Thomas, Almeida, Roglic, Sepp Kuss en Eddie Dunbar bleven over.
Op zes kilometer van de streep opende Almeida met de eerste echte aanval. Kuss zorgde er in dienst van Roglic voor dat de Portugees nooit meer dan een meter of twintig pakte. Maar de Sloveen kon niet reageren toen Thomas ook versnelde. De Tour-winnaar van 2018 kwam snel bij Almeida, terwijl Kuss moest inhouden om Roglic niet los te rijden. Thomas en Almeida reden samen naar de streep, waar de Portugees toonde over de snelste benen te beschikken. Roglic kwam 25 tellen later over de meet.
„Het is jammer, we hadden dit niet verwacht”, zei Jumbo-Visma-ploegleider Marc Reef bij Eurosport. „Het is niet anders. Het verschil is zeker nog goed te maken met wat er nog komt.” Verder was hij vol lof over Kuss. „Sepp deed het geweldig. Zonder hem was het verlies groter geweest, al kwam Primoz in de laatste kilometer nog sterk terug. Ze hebben ervoor gevochten.”
Thomas ’kon geen spelletjes spelen’
Thomas had graag de rit gewonnen, maar was ook met het klassement bezig toen hij met Almeida concurrent Roglic op achterstand had gezet. „Ritwinst was mooi geweest, maar ik moest ook realistisch zijn. Met Primoz kort achter ons konden we geen spelletjes spelen en moesten we doorrijden. Het is mooi om het roze weer te dragen en wat tijdwinst te hebben geboekt.”
Thomas, die het klassement leidt met 18 seconden voorsprong op Almeida en 29 op Roglic, raakte met de Fransman Pavel Sivakov opnieuw een ploeggenoot kwijt. Met de Nederlander Thymen Arensman (9e in het klassement) en de Belg Laurens De Plus (10e) heeft hij nog wel twee sterke ploeggenoten achter de hand.
’Een droom die uitkomt’
De gevierde man op de Monte Bondone was uiteindelijk Almeida. „Ik ben superblij, ik was er al zo vaak dichtbij. Dit is een droom die uitkomt”, zei de renner van UAE Team Emirates na zijn eerste ritwinst in een grote ronde.
Almeida is nu de naaste belager van Thomas in het klassement en was al in het bezit van de witte jongerentrui. „Natuurlijk wil ik meer. Als ik kan aanvallen zal ik dat zeker doen”, keek hij al vooruit naar de bergritten die nog komen, te beginnen donderdag. „Mijn ploeg was weer geweldig. Het was de zwaarste rit tot nu toe. Ik heb op de slotklim het risico genomen door vroeg aan te vallen. Maar als je het niet probeert, win je ook niet.”
Telesport







