
Spanje heeft zich voor de tweede keer in zijn geschiedenis tot wereldkampioen gekroond. In een zenuwslopende finale was het 120 minuten lang de betere van Argentinië, maar moest het uiteindelijk wachten tot de 106de minuut vooraleer Ferran Torres voor de verlossing zorgde. Geen tweede wereldtitel voor Lionel Messi, wel een tweede ster voor Spanje.
We kunnen er niet omheen dat deze finale er vooral eentje was van Lionel Messi tegen Lamine Yamal. Het verleden tegen de toekomst. Al waren ze zondagavond allebei vooral het heden. Spanje – Argentinië was immers niet alleen een clash der stijlen, maar vooral een clash tussen de koning en zijn gedoodverfde troonopvolger. Viel dat even tegen.
De finale van vier jaar geleden tussen Argentinië en Frankrijk overtreffen was sowieso nagenoeg onmogelijk, maar het begin van de partij was wel nog veelbelovend. Het eerste wapenfeit was er eentje van de kroonprins, maar via de voet van Lisandro Martinez kon Emiliano Martinez uiteindelijk redding brengen op het schot van Yamal. Meteen daarna werd Messi het straatje ingestuurd na een ziekenhuisbal van Cubarsi, maar ook Unai Simon toonde zich attent en stormde uit doel nog voor Messi voor gevaar kon zorgen. De twee hoofdrolspelers werden zo meteen gezocht en gevonden. De toon leek gezet.
Leek, want vreemd genoeg zouden beide heren nadien niet bepaald veel in het stuk voorkomen. Lamine Yamal werd monddood gemaakt door zijn rechtstreekse tegenstander, terwijl Lionel Messi wat rondslofte en het allemaal wat aankeek. Zijn Last Dance was aan zijn laatste pasjes toe, maar in de eerste helft was het vooral zoeken naar ruimte.

Het spelbeeld was dan ook 90 minuten lang (spoiler: zelfs 120 minuten lang) hetzelfde. Spanje nam de partij in handen en dicteerde het baltempo. Met zijn typische hoge pressing zorgde het er daarnaast voor dat de Argentijnen helemaal niet aan voetballen toekwamen. Meer dan eens moest de Argentijnse defensie plompverloren naar voren trappen.
Toch zorgden de vechtjassen van Argentinië er evenzeer voor dat Spanje zelden tot nooit tot uitgespeelde kansen kon komen. “Tot hier en niet verder”, was het Argentijnse devies telkens wanneer Spanjaarden in het laatste derde van het veld kwamen.
Om die reden kreeg het boeiende wedstrijdbegin dan ook niet echt een vervolg. Het was pas toen de rust in zicht kwam dat we nog wat doelgevaar kregen. Eerst schoot Oyarzabal richting doel, maar zijn schot was te centraal om Martinez echt in de problemen te brengen. Cucurella voegde daar nog een gekraakt afstandsschot aan toe.

Spaanse dominantie, maar geen goals
In de tweede helft gingen de Spanjaarden verder op dat elan. Zo kon Baena aanleggen na mistasten van Otamendi, maar net als bij zijn ploegmaats in de eerste helft, was zijn schot te slap om Emiliano Martinez echt te verontrusten.
Het was het sein voor de Spanjaarden om de regie van de match nog steviger in handen te nemen. Ze probeerden nog een versnelling hoger te schakelen en geraakten er ook enkele keren bijna door, maar telkens was er een Argentijn die zich er nog net tussen kon gooien. Het grootste gevaar bleef daardoor van afstandsschoten komen.

Voor de Argentijnen werd het gaandeweg wel steeds meer een zaak van overleven. De kansen voor Spanje werden frequenter én groter, maar Emiliano Martinez weigerde zich gewonnen te geven. En terwijl de doelman van Aston Villa nog enkele keren goed tussenkwam, kon Unai Simon, zijn collega aan de overzijde, ondertussen rustig toekijken. In de eerste 90 minuten schoot Argentinië namelijk geen enkele keer richting doel, iets wat het overigens ook in de verlengingen niet zou doen.
Ferran Torres
Want ook in de verlengingen bleef het eenrichtingsverkeer. Argentinië, dat die verlengingen met tien moest spelen nadat Enzo Fernandez in de blessuretijd van de reguliere speeltijd nog een tweede geel had gekregen voor driest inkomen op Cubarsi, boog, maar weigerde te barsten.
Zo hield Martinez Williams van een goal met een uitstekende save en werd een goal van diezelfde Williams afgekeurd voor een voorafgaande overtreding. Merino wrong dan weer eigenhandig een reuzekans de nek om. U begrijpt: dat de Argentijnen zonder kleerscheuren de tweede helft van de verlengingen haalden, was een klein mirakel.
Maar het kon niet blijven duren en na veertig seconden in de tweede verlenging geschiedde gerechtigheid dan toch: Porro verstuurde een verre voorzet, Williams kopte uitstekend terug en Ferran Torres schoot Spanje op voorsprong.

Een voorsprong die het, een ultieme mogelijkheid van de Argentijnen ten spijt, uiteindelijk vlot kon vasthouden.
Spanje kreeg zo wat het verdiende en kroonde zich voor de tweede keer in de geschiedenis tot wereldkampioen. Met 20 schoten voor Spanje tegenover 2 voor Argentinië was de zege van de Spanjaarden ook een zege van het voetbal.
Bron: Het Nieuwsblad



