Karim Benzema was woensdagavond de grote held van Real Madrid. Met een hattrick tegen Paris Saint-Germain schoot hij, terwijl zijn ploeg al dood en begraven leek, de Madrilenen naar de laatste acht van het miljoenenbal.
Hij maakte een 0-1 achterstand met drie goals in amper een kwartier tijd compleet ongedaan. Daarmee voerde hij zijn totaal in dienst van Real Madrid op naar 309 doelpunten, één meer dan Alfredo Di Stéfano. Alleen Cristiano Ronaldo (451 doelpunten) en Raúl (323) scoorden vaker.
De gelijkmaker van Benzema werd ingeleid door geklungel van doelman Gianluigi Donnarumma. „Hij wachtte en wachtte maar, daardoor verloor hij de bal”, zei Benzema, die de Italiaanse keeper zo onder druk zette dat hij de bal verspeelde. „Hij had de bal gewoon moeten wegtrappen, simpel zat. We hebben deze wedstrijd gewonnen dankzij onze mentale kracht. In de Champions League is iedere wedstrijd een finale voor ons. We hebben laten zien dat Real Madrid leeft”, aldus de held van de avond.
Carlo Ancelotti sprak na de wedstrijd van een „magische avond.” „Benzema is een fantastische aanvaller en een fantastische leider van ons team”, liet de trainer na afloop weten over zijn aanvoerder.
Telesport





