Geheel tegen de verwachting in heeft Bayern München de Duitse bekerfinale verloren. Eintracht Frankfurt trok in Berlijn aan het langste eind: 1-3.
Bayern had zich weken geleden al gekroond tot landskampioen en hoopte zich op te maken voor de dubbel. Dan moest het wel eerst afrekenen met Eintracht Frankfurt, waar Jetro Willems en Jonathan de Guzman een basisplaats hadden. Arjen Robben ontbrak bij Bayern vanwege een blessure.
Maar de nummer zes van de Bundesliga kwam na elf minuten verrassend op voorsprong toen Ante Rebic de score opende. De spits liet het Frankfurt-vak ontploffen en zorgde voor een verrassende tussenstand.
Toen Robert Lewandowski met een van richting veranderd schot na rust voor 1-1 zorgde, leek Bayern orde op zaken te stellen. Maar tien minuten voor tijd was daar weer Rebic, die Bayern-doelman Sven Ulreich van dichtbij passeerde en Frankfurt weer op voorsprong zette. Heel even leek het doelpunt nog afgekeurd te worden door toedoen van de VAR, omdat er mogelijk hands geconstateerd zou zijn. Dat bleek niet het geval. In blessuretijd werd het zelfs nog 1-3 door Mijat Gacinovic.
Telesport


