GRONINGEN –Â Het lukt Ajax maar niet om uit de negatieve spiraal te komen. Na de nederlagen tegen FC Utrecht (4-0), NEC (0-3) en tussendoor het gelijkspel tegen Sparta (1-1) was er bijna niemand die nog in de titelkansen van Ajax geloofde. Terecht, zo bleek in het vooraf als moeilijk gekwalificeerde uitduel met FC Groningen (2-2).

Het elftal van Francesco Farioli boekte dankzij een fatale tegentreffer diep in blessuretijd van Thijmen Blokzijl weer een teleurstellend resultaat en heeft – met alleen de thuiswedstrijd tegen FC Twente (zondag, 14.30 uur) nog voor de boeg – het landskampioenschap niet meer in eigen hand. Daardoor zit het eerder dood en begraven gewaande PSV in een fauteuil naar de titel.
Bij elkaar blijven, geloof houden en er tegen FC Groningen weer staan, klonk het na de vernedering door NEC Nijmegen vier dagen voor het treffen in de Euroborg uit de monden van Farioli en aanvoerder Jordan Henderson. De frustratie van Steven Berghuis in de slotminuten van Ajax-NEC en de tranen van Wout Weghorst verraadden echter dat de twijfel in Amsterdam genadeloos had toegeslagen. Zou het dan toch nog misgaan? Door de late ontsnapping van PSV bij Feyenoord (2-3) was het verschil met de Eindhovenaren tot één punt geslonken.
In een tijdsbestek van drie wedstrijden, want na speelronde 29 was de marge nog negen punten. Het leek tot een Italiaans sprookje te leiden, want na een achterstand van negen punten op PSV in de eerste seizoenshelft, grepen Farioli en zijn spelers op 9 februari de macht. De Amsterdammers versloegen Fortuna Sittard, terwijl PSV een dag eerder gelijkspeelde tegen Willem II. Daardoor voerde Ajax voor het eerst in 827 dagen en na twee sportief, financieel en organisatorisch dramatische jaren weer eens de ranglijst van de Eredivisie aan. De voorsprong werd mede door de knappe zege bij PSV gestaag uitgebouwd tot negen punten.
Maar op eerste paasdag kwam na dertien wedstrijden zonder nederlaag – twaalf zeges en een gelijkspel – de klad erin. Ondanks een uitstekend eerste half uur van de koploper, waarin paal en lat werden geraakt, deelde FC Utrecht een harde tik op de kin uit (4-0). Die werkte door tegen Sparta en NEC, maar nog altijd hadden Farioli en zijn spelers alles in eigen hand.
De opdracht voor het zwalkende Ajax klonk echter simpeler dan die was: gewoon de laatste twee wedstrijden winnen. Maar hoe? Door terug te grijpen op het oude, vertrouwde Italiaanse recept van de boel dichthouden, waardoor net als op bezoek bij Almere City of PEC Zwolle één doelpunt al genoeg was? Of door juist – zoals recordinternational Wesley Sneijder in De Telegraaf suggereerde – ’zo veel mogelijk technische voetballers op te stellen die een doelpunt kunnen maken’, omdat Ajax anders een doodlopende steeg lijkt in gelopen en de technische staf en de spelers toch niets meer te verliezen hebben.
Na het debacle tegen NEC Nijmegen werd in elk geval duidelijk dat de klokken op sportpark De Toekomst even moesten worden gelijkgezet. De laatste dagen klonken er steeds meer geluiden dat een aantal geroutineerde krachten Farioli in de aanloop naar die wedstrijd op andere gedachten had proberen te brengen qua opstelling. Zo werd er getwijfeld aan de meerwaarde van Daniele Rugani, die opbouwend inderdaad door het ijs zou zakken, en aan de keuze voor Davy Klaassen vlak voor de verdediging, terwijl Mister 1-0 in de buurt van de spits het beste tot zijn recht komt. En waarom werd de creatieve linksbuiten Mika Godts gepasseerd ten faveure van Steven Berghuis?
Tegen FC Groningen zag de Amsterdamse formatie er op papier in elk geval weer wat logischer uit. Jorrel Hato verruilde de linksbackplaats voor het centrum van de verdediging en werd op zijn vertrouwde stek vervangen door Jorthy Mokio. Het middenveld met Jordan Henderson, Kian Fitz-Jim en Kenneth Taylor was meer complementair dan dat van zondag, maar ook een hard gelag voor Davy Klaassen. De voorhoede was met Bertrand Traoré, Brian Brobbey en Godts als vanouds.
In de sfeervolle Euroborg was Ajax voor rust degelijk en kreeg Traoré na een goede pass van Henderson de eerste kans, maar Etienne Vaessen kwam als overwinnaar uit de strijd. De Amsterdamse treffer mocht de doelman zichzelf aanrekenen. Traoré speelde na 27 minuten de loeisterke Brobbey in, die Anton Gaaei bediende en de Deen in de korte hoek zag scoren (0-1). Na zeven minuten in het tweede bedrijf, een voorzet van Stije Resink en een knappe goal van Thom van Bergen kon Ajax opnieuw beginnen (1-1). Invaller Wout Weghorst leek op aangeven van de andere invaller Berghuis het verschil te maken, maar Blokzijl dompelde Ajax in diepe rouw (2-2).
Door het vierde puntenverlies op rij kan Ajax alleen nog bidden voor de landstitel. Winnen van FC Twente wordt in deze vorm een monsterklus. Maar zelfs als dat lukt, dan heeft het elftal van Farioli niets in eigen hand. Dan moet het hopen op het omgekeerde scenario van 2016 toen de Amsterdammers op de laatste speeldag op bezoek bij De Graafschap de titel verspeelden aan PSV, dat bij PEC Zwolle tot zijn eigen verbazing alsnog de schaal in handen kreeg gedrukt.
Daarvoor heeft Ajax de hulp van Sparta nodig, het Sparta van de in Amsterdam niet geslaagde Maurice Steijn … Anders rest plek twee. Goed voor het rechtstreekse Champions League-ticket, waarvoor de clubleiding voor het seizoen blind en zonder voorwaarden had getekend, maar dat na deze horrorweek nog niet als succes zal worden gevierd.
Bron: TelesportÂ


